Gebruikersinstellingen

Stel in de Gebruikersinstellingen uw voorkeuren in en bespaar tijd bij elke order. Volg onderstaande stappen om uw gegevens te beheren, standaardinstellingen aan te passen en een abonnement af te sluiten.

Wilt u liever een visuele uitleg? Bekijk dan onze instructievideo waarin we het proces stap voor stap laten zien.

  1. Klik in het Programma menu op Gebruikersinstellingen.
  2. Het tabblad Gebruiker opent met een overzicht van uw gegevens. Eventuele veranderingen of aanvullingen kunt u hier doorgeven.
  3. Klik op het tabblad Algemeen.
  4. Wilt u zelf artikelen toevoegen en uw eigen artikelnummers gebruiken dan kunt u dat hier veranderen.

Opmerking!
Indien u dit niet verandert dan komt er automatisch een artikelnummer te staan bij het aanmaken van een nieuw artikel.

  1. Boven elke pagina staan in het blauw Instructietips. Wilt u deze verbergen dan kunt u dat hier aangeven.
  2. Klik op het tabblad Plaatmateriaal.
  3. U kunt hier voorkeuren ingeven voor onder andere zaagbladdikte en marges. Deze worden op een nieuwe order toegepast en kunt u in dien gewenst per order veranderen.
  4. Klik op het tabblad Lengtemateriaal.
  5. U kunt hier voorkeuren ingeven voor onder andere zaagbladdikte en marges. Deze worden op een nieuwe order toegepast en kunt u in dien gewenst per order veranderen.

Let op!
Cutting Optimizer wordt wanneer u geen abonnement heeft op bepaalde toepassingen beperkt. Bent u een intensieve gebruiker en wilt u van alle toepassingen optimaal gebruik maken dan kunt u hiervoor een abonnement afsluiten

  1. Klik op Abonnement overzicht.
  2. Klik op Nieuw.
  3. Controleer alle gegevens. Ontbreekt er nog iets? Ga dan naar de Gebruikersinstellingen.
  4. Kies een Betaalmethode.
  5. Kiest u voor Overboeken via bank dan ontvangt u een mail van ons met de betaalinstructies.
  6. Kiest u voor iDeal dan wordt u doorgestuurd naar de bankomgeving.


Artikelen exporteren

  1. Ga naar het Artikeloverzicht.
  2. Selecteer de artikelen die u wilt exporteren.
  3. Klik bovenin het scherm op Exporteren.
    Een .csv bestand wordt aangemaakt en gedownload.
  4. Open het geëxporteerde bestand in Excel.

Opmerking!
De eerste regel in het bestand is essentieel; wijzig de volgorde niet!


Artikelen importeren

Tip!
Exporteer eerst een aantal artikelen om de opmaak van het bestand te bekijken voordat u artikelen gaat importeren.

  1. Ga naar het Artikeloverzicht.
  2. Selecteer een aantal artikelen die u als voorbeeld wilt exporteren.
  3. Klik bovenin het scherm op Exporteren.
    Een .csv bestand wordt aangemaakt en gedownload.
  4. Open het geëxporteerde bestand in Excel.

Opmerking!
De eerste regel in het bestand is essentieel, wijzig de volgorde niet!

  1. Het veld ID hoeft u niet in te vullen. Dit wordt automatisch gegenereerd bij import. Wanneer u exporteert en bestaande regels wilt bijwerken, wijzig dan in geen geval het id.
  2. Voor het veld Type geldt:
    0 = plaatmateriaal
    1 = lengtemateriaal
  3. De velden Lenght, Width en Height moeten in millimeters worden ingevuld.
  4. Voor het veld Structure geldt:
    0 = geen structuur
    1 = horizontale structuur
    2 = verticale structuur

Opmerking!
Lengtematerialen hebben nooit een structuur laat deze waarde dan op 0 staan.

  1. Wanneer alle gegevens correct zijn ingevuld, kunt u het bestand opslaan en gebruiken voor import.
  2. Klik op Importeren.
  3. Selecteer het gewenste .csv-bestand en klik op OK.


Artikel aanmaken

Voordat u een berekening kunt maken, is het belangrijk om eerst de juiste artikelen toe te voegen. Volg de onderstaande stappen om een nieuw artikel aan te maken en ontdek hoe u eenvoudig en efficiënt uw materialen beheert binnen Cutting Optimizer. Wilt u liever een visuele uitleg? Bekijk dan onze instructievideo waarin we het proces stap voor stap laten zien.

  1. Klik in het programma menu op Artikeloverzicht.
  2. Standaard zijn er al enkele artikelen in Cutting Optimizer ingesteld.
  3. Klik op Nieuw. Een lege artikelkaart wordt geopend.
  4. Er wordt automatisch een Artikelnummer gegenereerd.
  5. Kies het Materiaaltype.
  6. Vul de Lengte, Breedte en Dikte in millimeters in.
  7. Bij Materiaal voert u een korte code in.
  8. Bij Omschrijving geeft u een duidelijk omschrijving op. Dit is over het algemeen de artikelomschrijving van uw leverancier en wordt op de bestellijst gebruikt.
  9. Heeft het materiaal een horizontale of verticale nerf en wilt u dit hanteren? Geef dit dan aan bij Structuur.
  10. Met het veld Artikelgroep kunt u producten van een bepaalde leverancier groeperen. Wilt u straks in de berekening alleen materialen van deze leverancier gebruiken? Selecteer dan de juiste artikelgroep.
  11. Is het artikel tijdelijk niet op voorraad? Dan kunt u dit blokkeren. Het artikel wordt dan niet meegenomen in de berekening.
  12. Bij Leveranciernr. en Leveranciernaam vult u de gegevens in van de leverancier. Deze informatie wordt weergegeven op de bestellijst.


Order aanmaken

Volg de onderstaande stappen om een order te maken. We gaan ervan uit dat de artikelen die u wilt gebruiken voor de calculatie al zijn ingevoerd. Wilt u liever een visuele uitleg? Bekijk dan onze instructievideo waarin we het proces stap voor stap laten zien.

  1. Klik in het programma menu op Orderoverzicht.
  2. Klik op Nieuw. Een leeg orderdocument wordt geopend.
  3. In het veld Omschrijving kunt u bijvoorbeeld een projectnaam invoeren.
  4. In het veld Referentie kunt u optioneel een ordernummer van de opdrachtgever invoeren.
  5. Wilt u alleen artikelen gebruiken die tot een specifieke groep behoren? Gebruik dan het veld Artikelgroepfilter.

Opmerking!
Laat u dit veld leeg, dan worden alle niet-geblokkeerde artikelen gebruikt voor de berekening.

  1. Voert u de berekening uit voor een klant? Vul dan de Klantgegevens in.

Bij het zagen van plaatmateriaal ontstaat altijd snijverlies, bijvoorbeeld door de dikte van het zaagblad. Niet alle materialen hebben een snijverlies omdat deze materialen zoals bijvoorbeeld papier en metaal geknipt worden. Daarom zijn de instellingen voor de zaagdikte belangrijk voor een nauwkeurige berekening.

  1. Klik op het tabblad Instellingen Plaatmateriaal.
  2. De instellingen voor plaatmateriaal worden standaard overgenomen uit de Gebruikersinstellingen. U kunt hier per order van afwijken door de Zaagdikte handmatig aan te passen.
  3. In het veld Afstapelplaatsen geeft u aan hoeveel plaatsen beschikbaar zijn om gezaagde onderdelen neer te leggen. Dit is vaak afhankelijk van de beschikbare ruimte rondom de machine.
  4. Deze instelling werkt in combinatie met de Groepscode die u aan het onderdeel kunt toekennen.

Let op!
Deze instelling beïnvloedt de efficiëntie van de optimalisatie.

  1. In het veld Max. Stapeldikte vult u de maximale dikte in die uw machine in één keer kan verwerken.
    Voorbeeld: als uw machine een maximale materiaaldikte van 60mm kan zagen, kunt bijvoorbeeld drie platen van 19mm gelijktijdig verwerken.
  2. De Algemene Zaagrichting is een persoonlijke voorkeur en kan afhankelijk zijn van:
    a. het type machine dat u gebruikt.
    b. De beschikbare werkruimte.

Opmerking!
Houd rekening met extra zaagverlies bij bepaalde instellingen.

Om oneffenheden aan onderdelen uit te sluiten, kunt u de Marge-instellingen gebruiken. Dit is vooral handig wanneer er sprake is van plaatverschil, een ruwe kant of een logo op de zijkant van het materiaal. Dit soort onregelmatigheden wilt u wellicht niet zien in uw eindproduct.

  1. In het veld Toepassing Marge heeft u de keuze tussen Automatisch of Vast:
    - Automatisch: De opgegeven marge wordt toegepast als het beschikbaar is ten opzichte van de onderdelen.
    - Vast: De marge wordt altijd toegepast, ongeacht de beschikbaarheid.
    Voorbeeld: Als er een artikel is van 2440 mm en uw onderdeel is ook 2440 mm, kan het onderdeel bij de Automatische toepassing wel gezaagd worden, maar bij de Vaste toepassing niet.
    Bij Vast wordt de marge namelijk als zaagverlies gerekend. Dit betekent dat de plaat niet kan worden gebruikt als er te weinig materiaal overblijft na het toepassen van de marge.
  2. In het veld Restmateriaal kunt u aangeven welke restanten u als afval beschouwt en welke u wilt hergebruiken voor een volgend project. Reststukken worden met kleur aangegeven op uw zaagplan.

Opmerking!
De instelling voor Lengtemateriaal werkt op dezelfde manier als de plaat-instellingen. U hoeft hierbij alleen de velden Dikte, Marges en Restmateriaal in te vullen.

Na het invullen van de algemene gegevens kunnen de onderdelen van uw stuklijst worden ingevoerd.

  1. Klik op het dropdown menu in de lege regel en selecteer het type Materiaal dat u voor de calculatie wilt gebruiken.
  2. Vul het benodigde aantal onderdelen in.
  3. De lengte en breedte moet in millimeters worden ingevuld.
  4. Heeft het materiaal een structuur dan kunt u hier aangeven of u deze Horizontaal of Verticaal wilt toepassen.

Let op!
Dit resulteert in meer snijverlies. Heeft u een plaat zonder structuur? Geef dit dan aan! Het programma zal dan daar waar mogelijk het artikel draaien voor het meest optimale resultaat.

  1. Eventueel kunt u nog een korte omschrijving invullen.
    Vul voor elk onderdeel een nieuwe regel in.
  2. De opties voor Groep en Kantbewerking.
  3. Heeft u ook lengte onderdelen nodig dan kunt u deze op het tabblad Lengtematerialen invoeren. De opties voor K1, K2en Profiel worden in de Help-menu beschreven. Deze hebben geen invloed op het berekenen van een zaagplan.
  4. Als u alles heeft ingevuld dan klikt u op Berekenen. Dit kan enkele seconden duren.
  5. Zodra de berekening is voltooid, wordt het tabblad Zaagplan geopend.
  6. Op het zaagplan kunt u duidelijk zien hoe de onderdelen verdeeld zijn over het plaatmateriaal.
  7. In het groen worden de Reststukken aangegeven en in het rood het Afval.
  8. U kunt ook zien welke afmeting plaatmateriaal gebruikt is.
  9. Klik op Print PDF u heeft hier diverse mogelijkheden.


Kantbewerking

Kantbewerking verwijst naar het afwerken van de randen van plaatmateriaal om het een beter uiterlijk, bescherming of een specifieke functionaliteit te geven. Dit kan door middel van verschillende technieken, zoals:
- Schuine kant: Een afgeschuinde rand onder een bepaalde hoek.
- Kantenband: Een kunststof of fineerstrip die op de rand wordt gelijmd.

Opmerking!
Laat het veld Groep leeg. Deze kunt u berekenen nadat u de kantbewerking codes heeft ingevuld en berekend. Heeft het plaatmateriaal geen kantafwerking nodig dan kunt u deze velden leeglaten.

  1. Om kantbewerking correct te berekenen, geef je per zijde een bewerkingscode op. Deze code kun je zelf bepalen en toewijzen aan de zijden van het plaatmateriaal waarvoor de bewerking geldt.
    Voorbeeld van bewerkingscodes:
    10gr → 10 graden schuin afwerken
    KB → Kantenband aanbrengen

Tip!
Gebruik voor zijden met dezelfde bewerking altijd dezelfde code. Dit zorgt voor overzicht en voorkomt fouten in het productieproces.

  1. Vul de bewerkingscode in.
  2. Klik op Kantbewerking berekenen.
  3. Het tabblad Kantbewerking verschijnt met per code de totale lengte.
  4. Op het rapport zaagplan specificatie ziet u een overzicht van de bewerkingen per code waarbij de totale lengte wordt weergegeven in meters.


Groepscode berekenen

Bij het instellen van een machine voor kantbewerking kan het tijd kosten om deze steeds opnieuw aan te passen. Om de efficiëntie te verhogen, kunnen onderdelen in groepen worden ingedeeld. Dit kun je als gebruiker zelf handmatig doen door een waarde aan de onderdelen toe te kennen. 0…19,etc. Je kan dit ook laten berekenen door Cutting Optimizer. Gebruik de knop Groepscode berekenen. Dit wordt gedaan op basis van de kantbewerking. Groepen kunnen in combinatie met afstapelplaatsen worden gebruikt. De berekening combineerd groepen met het aantal beschikbare afstapelplaatsen. Let op! Werken met groepen en afstapelplaatsen kan resulteren in meer snijverlies.

Hoe werkt dit?

  1. Materialen met dezelfde bewerkingscode worden samengevoegd in een groep.
  2. Zo ziet u direct welke materialen samen verwerkt kunnen worden, waardoor u minder tijd kwijt bent aan het opnieuw instellen van machines.
  3. Nadat u de kantbewerking berekent heeft klikt u op Groepscode berekenen.